Veelgestelde vragen

Liever bellen?

Onze receptie is tussen 08:00 en 17:00 telefonisch
bereikbaar via 071 581 85 85. Of stuur een e-mail naar info@dzb.nl

Afhankelijk van je wensen zijn er meerdere mogelijkheden om iemand in dienst te nemen. Onze accountmanager Nico Vermeer helpt je graag te bepalen welke manier het best bij je wensen past. Je kunt hem bereiken via: 071 58 18 567

Je kunt een groot aantal werkzaamheden aan ons uitbesteden. Het is dus sowieso een goed idee om ons even te bellen als je ergens extra handen nodig hebt.

Sowieso kunnen we:
– Postbezorging
– Verpakken van voedingswaren
– Montagewerkzaamheden
– Produceren en verpakken van chocoladeproducten
– Hoveniersdiensten
– Schoonmaakwerkzaamheden
– Catering

Als werkgever kun je op drie manieren met DZB samenwerken. We kunnen je helpen bij het vinden van personeel. Je kunt werk aan ons uitbesteden. En we kunnen je helpen om invulling te geven aan je Social Return verplichting.

Sociaal ondernemen is ondernemen met een maatschappelijke missie. Als sociaal ondernemer zoek je innovatieve oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen. Bijvoorbeeld: hoe zorgen we samen dat mensen met een arbeidsbeperking toch op een passende plek aan het werk kunnen. En wat doen we met de 27.000 jongeren die jaarlijks vroegtijdig school verlaten. En hoe zorgen we dat de satushouders goed inburgeren. Maar ook: hoe versnellen we de achterblijvende groei van duurzame energie of hoe creëren we banen voor mensen die in armoede leven?

Zijn dit zaken die jou aan het hart gaan? Dan is sociaal ondernemen echt iets voor jou en moet je ons zeker bellen om de mogelijkheden te bespreken.

De participatiewet is bedoeld om werkgevers te stimuleren meer mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. In het sociaal akkoord van 11 april 2013 hebben het kabinet en werkgevers afgesproken dat ze extra banen gaan creëren voor mensen met een arbeidsbeperking. In totaal gaat het om 125.000 extra zogeheten garantiebanen die in 2026 gerealiseerd moeten zijn; 100.000 in de marktsector en 25.000 bij de overheid.

DZB Leiden is het re-integratiebedrijf van de gemeente Leiden en dus ook echt onderdeel van de gemeente. De staf van DZB Leiden bestaat uit ambtenaren en op het salarisstrookje staat gemeente Leiden als afzender. Wel is het zo dat wij naar buiten toe ons eigen communicatie voeren waardoor het soms kan lijken alsof wij een los bedrijf zijn.

We maken onderscheid tussen drie groepen:

  1. Mensen met een arbeidsbeperking
  2. Mensen vanuit een bijstandssituatie
  3. Statushouders

Meer informatie over deze groepen vind je op de bijbehorende pagina’s op onze site.

In het kader van de Participatiewet en Garantiebanen is DZB Leiden namens de gemeente Leiden en Leiderdorp het aanspreekpunt voor personeelsvraagstukken voor werkgevers. DZB Leiden beschikt over de kennis en ervaring om werknemers met een arbeidsbeperking binnen uw bedrijf te plaatsen en goed te laten functioneren.

In het sociaal akkoord van 11 april 2013 hebben het kabinet en werkgevers afgesproken dat ze extra banen gaan creëren voor mensen met een arbeidsbeperking. In totaal gaat het om 125.000 extra zogeheten garantiebanen die in 2026 gerealiseerd moeten zijn; 100.000 in de marktsector en 25.000 bij de overheid.

De participatiewet is bedoeld om werkgevers te stimuleren meer mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen.

De Participatiewet en Quotumwet schrijven voor dat bedrijven met meer dan 25 medewerkers de komende jaren minstens 125 duizend banen moeten creëren voor arbeidsbeperkten.

  1. Mensen die onder de Participatiewet vallen en die geen Wettelijk minimumloon (WML) kunnen verdienen;
  2. Mensen met een Wsw-indicatie;
  3. Wajongers met arbeidsvermogen.
  4. Mensen met een Wiw-baan of ID-baan.

Gemeenten en sociale partners hebben afgesproken dat mensen met een Wsw-indicatie op de wachtlijst (deel van groep 2) en Wajongers (groep 3) de eerste jaren prioriteit hebben voor de plaatsing op de banen. Mensen uit de doelgroep tellen mee voor de banenafspraak (en het quotum) op het moment dat reguliere werkgevers ze in dienst nemen. Ook ingeleende arbeidskrachten uit de doelgroep tellen mee. Daarover zijn afspraken gemaakt. Zie de vraag over detacheringen.

UWV krijgt een rol in het beoordelen of iemand tot de doelgroep voor de extra banen behoort. De gemeenten kunnen iemand langs het UWV sturen voor een doelgroepbeoordeling. Het UWV beoordeelt op basis van een wettelijk kader met beoordelingscriteria. Het gaat daarbij primair om een arbeidskundige beoordeling, waarbij medische, gedrags- en sociale aspecten worden betrokken waar relevant. Mensen uit de Wsw, Wajong of met een Wiw/ID-baan behoren op basis van hun Wsw,Wajong of Wiw/ID status tot de doelgroep.

Deze wet legt de banenafspraak uit het sociaal akkoord wettelijk vast en regelt hoe het aantal gerealiseerde extra banen wordt gemeten. Als stok achter de deur bevat de wet een uitgewerkte quotumregeling. Met deze quotumregeling krijgen werkgevers met 25 medewerkers of meer de verplichting om een bepaald percentage mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Indien werkgevers daar niet aan voldoen, betalen zij een heffing voor niet vervulde plekken. Het quotum wordt pas geactiveerd als werkgevers de aantallen banen uit de banenafspraak niet realiseren. Dit gebeurt na overleg met gemeenten en sociale partners.

UWV zorgt voor een doelgroepregister waarin de mensen komen te staan die tot de doelgroep voor de extra banen behoren. Gemeenten en UWV informeren de mensen als zij in het register komen te staan. Gemeenten en UWV kunnen dit register raadplegen en de mensen via de regionale Werkbedrijven bemiddelen op de extra banen. Ook de werkgevers kunnen het UWV vragen of (potentiële) werknemers tot de doelgroep behoren Vanuit dataminimalisatie-en privacyoverwegingen bevat het register een beperkt aantal gegevens: BSN-nummer, uitkeringsachtergrond en de geldigheidsduur (begindatum en indien bekend de einddatum) van de registratie.

In het sociaal akkoord is afgesproken dat de leden van de Werkkamer, VNG en sociale partners, de afspraken uit het akkoord nader uitwerken. Een van de afspraken die VNG en sociale partners hebben gemaakt is dat UWV de beoordeling voor de doelgroep van de banenafspraak gaat doen. De gemeente selecteert de mensen voor wie zij loonkostensubsidie wil inzetten.
Mensen kunnen hier ook zelf bij de gemeente om vragen.
De verwachting is dat de gemeente in dergelijke gevallen ook wil weten of iemand tot de doelgroep van de banenafspraak behoort.
Of iemand tot de doelgroep van de banenafspraak behoort, beoordeelt UWV. Beoordelingscriterium is dat het om mensen met een arbeidsbeperking gaat die onder de Participatiewet vallen en die niet het WML kunnen verdienen.
De gemeente bepaalt vervolgens of, en zo ja, welke ondersteuning iemand verder nodig heeft

Voor een goede werking van de banenafspraak, de monitoring daarvan en voor de quotumheffing is een duidelijke vaststelling nodig van de sector markt en de sector overheid. Er is gekozen voor de ufo-indeling op grond van de Wfsv van overheidswerkgevers waarop het Uitvoeringsfonds overheid (Ufo) van toepassing is. Voor deze overheidswerkgevers geldt dat zij eigenrisicodrager zijn voor werkloosheid en dat zij zijn aangesloten bij het ABP. Werkgevers voor wie dit niet geldt behoren tot de markt.

Eén van de afspraken uit het sociaal akkoord is dat de VNG in samenwerking met de sociale partners en UWV regionale Werkbedrijven opzet. Deze Werkbedrijven zijn de schakel om de mensen uit de doelgroep succesvol naar de extra banen toe te leiden. Tot de tijd dat de regionale Werkbedrijven functioneren kunnen werkgevers terecht bij bestaande werkgeversservicepunten, uitvoeringsorganisaties en bemiddelaars zoals UWV, gemeenten, sw-bedrijven en re-integratiebureaus en uitzendbureaus.

In 2014 is er een nulmeting, die als peildatum 1 januari 2013 heeft. Het aantal banen wordt jaarlijks gemonitord. Het eerste beoordelingsmoment vindt in 2016 plaats en gaat over het jaar 2015. Bij de beoordeling gaat het om het aantal extra gerealiseerde garantiebanen ten opzichte van de peildatum 1 januari 2013. UWV gaat bijhouden hoeveel extra banen er voor de doelgroep zijn gekomen. UWV krijgt deze informatie door het doelgroepregister te koppelen aan de polisadministratie.

Als één baan wordt geteld het aantal verloonde uren dat personen uit de doelgroep gemiddeld werkt. Dit betekent op basis van de gegevens die er nu zijn dat het om een baan van 25 uur per week gaat. Kleinere banen tellen naar evenredigheid van het aantal verloonde uren mee. Het kan dus gaan om meer arbeidscontracten dan (getelde) banen. Als uit de nulmeting blijkt dat het gemiddelde aantal gewerkte uren (van iemand uit de doelgroep) substantieel afwijkt van de gehanteerde 25 uur, dan kan de omvang van 25 uur nog wijzigen.

Mensen uit de doelgroep tellen mee voor de banenafspraak en het quotum zolang zij aan de doelgroepcriteria voldoen. Mocht dit niet langer het geval zijn omdat de persoon bijvoorbeeld zijn Wajong of Wsw-status verliest of onder de Participatiewet valt en meer dan WML gaat verdienendan blijft deze persoon nog twee jaar na zijn verlies van zijn/haar doelgroepstatus meetellen. Dit zorgt ervoor dat werkgevers medewerkers nog twee jaar mee kunnen tellen nadat zij niet meer aan de doelgroepcriteria voldoen.

De banenafspraak is een macro-afspraak; er wordt naar de landelijke voortgang gekeken. Dit biedt werkgevers de flexibiliteit om de banen op de meest effectieve manier te realiseren. Met die uitwerking zijn ze nu aan de slag.

In overleg met betrokken partijen is een oplossing gevonden om inleenconstructies (uitzendingen en detacheringen) mee te tellen bij de inlenende werkgever. In de toelichting van de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten (Quotumwet), die dinsdag 1 juli naar de Tweede Kamer is verstuurd, is al een beschrijving van de voorgestelde oplossing toegevoegd. De voorgestelde oplossing heeft twee fases. Tijdens de periode van de banenafspraak is een minder fijnmazig systeem, en daarom zonder additionele administratieve lasten, mogelijk omdat alleen van belang is tot welke sector de inlenende werkgever behoort. Indien het quotum geactiveerd wordt is een oplossing op het niveau van de individuele werkgever noodzakelijk. Deze oplossing ligt er in hoofdlijnen. Met partijen is afgesproken deze oplossing verder uit te werken zodat hij operationeel kan zijn wanneer het quotum onverhoopt geactiveerd wordt (quotum gaat op zijn vroegst in 2017 in).

Voor de oplossing tijdens de banenafspraak is een oplossing op het niveau van de individuele werkgever niet noodzakelijk en is een oplossing op macroniveau (sector markt en overheid) voldoende. Afgesproken is dat uitgeleende Wajongers, Wsw-detacheringen en (in de toekomst) ook de Participatiewetdoelgroep door UWV niet worden meegeteld bij hun formele werkgever (de uitlenende werkgever) en dus ook niet bij de sector waartoe deze werkgever behoort. Door een jaarlijks vast te stellen verdeelsleutel worden deze uitgeleende doelgroepers weer verdeeld over beide sectoren. Deze verdeelsleutel wordt vastgesteld middels aanvullend onderzoek onder de uitgeleende doelgroepers. Dit onderzoek wordt aanbesteed. De correctie om uitgeleende doelgroepers mee te tellen bij de inlenende werkgever vindt plaats bij de nulmeting en tijdens de jaarlijkse monitoring van de banenafspraak.

Garantiebanen zijn de 100.000 banen in het bedrijfsleven en 25.000 banen bij de (Rijks)overheid die beiden partijen in de periode tussen 2015 en 2025 willen creëren.